Eén tegen allen, maar wie tegen wie?
Filip van Laenen
Zolang Groen (toen nog Groen!) deelnam aan de federale onderhandelingen, zag de VRT zich genoodzaakt het beruchte cordon médiatique even in de kast te stoppen. Alleen de N-VA als Vlaamse oppositiepartij uitnodigen tegenover maar liefst vier regeringspartijen was zelfs voor de openbare zender een brug te ver. Maar het veto van Alexander de Croo tegen de groenen zorgde ervoor dat het cordon opnieuw uit de kast gehaald kon worden, en sindsdien is van het Vlaams Belang bijna geen spoor meer te merken in politieke programma’s.
Mogen we de cijfers over de politieke genodigden van De Zevende Dag als graadmeter gebruiken voor de vertegenwoordiging van de politieke partijen in de media? Hoewel de basis, slechts 122 politici, ettelijke grootteordes kleiner is dan dat van het bredere onderzoek dat onlangs gepubliceerd werd, zijn de conclusies toch opvallend gelijklopend. Het meest in het oog springend: de sterke ondervertegenwoordiging van de zogenaamde V-partijen, namelijk N-VA en Vlaams Belang. Hoewel de twee partijen samen meer dan veertig procent van de stemmen haalden bij de laatste federale verkiezingen, mochten ze amper een vijfde van de gasten leveren. Wie echter wat meer in detail gaat, en de cijfers per partij vergelijkt, kom al snel tot contrasten waaruit men niet anders kan dan concluderen dat de Vlaamse openbare omroep allesbehalve partijpolitiek neutraal is.
Vergelijk bijvoorbeeld N-VA en Open Vld: hoewel N-VA in 2010 dubbel zoveel stemmen haalde als Open Vld (28,2% tegenover 14,0%), mocht de Open Vld de helft meer genodigden voor De Zevende Dag leveren dan de N-VA (30 tegenover 19). Het argument dat de ene partij in de regering zou zitten, en daarom vaker aan bod zou mogen komen dan de andere, houdt voor deze partijen natuurlijk geen steek. N-VA zit immers federaal in de oppositie, terwijl Open Vld in het Vlaams Parlement op het oppositiebankje moet zitten. Zelfs het argument dat men toch geen twee N-VA‘ers tegelijk kan uitnodigen voor eenzelfde debat gaat niet op, want het verklaart nog niet waarom een partij die maar half zo groot is de helft meer keren naar De Zevende Dag mocht komen. Ook CD&V en sp.a, twee andere partijen die een pak minder stemmen haalden dan de N-VA, waren vaker te gast dan de N-VA (respectievelijk 27 en 22 keer). Als we bovendien wat strenger zouden zijn, en het triple-interview vanop de betoging in Linkebeek van 18 september met drie N-VA-kopstukken niet als drie gasten, maar slechts één zouden rekenen, dan komt zelfs Groen, met amper een kwart van de stemmen, in de buurt van de N-VA (14 tegen 17).
Grosso modo kan men zeggen dat de N-VA het afgelopen seizoen slechts de helft van de gasten mocht leveren waar het eigenlijk recht op had, als we tenminste de verkiezingsuitslag van 13 juni 2010 als uitgangspunt zouden nemen. Dit is een sterke ondervertegenwoordiging, maar er was een partij die het met nog minder moest doen. Vlaams Belang werd slechts zes keer uitgenodigd, terwijl het met 12,6% van de stemmen recht had gehad op ongeveer 15 uitnodigingen. Groen, een derde kleiner dan het Vlaams Belang, mocht bijna drie keer meer (14) naar de studio’s van De Zevende Dag komen, terwijl LDD, met minder dan een derde van de stemmen van het Vlaams Belang toch nog vier keer uitgenodigd werd.
Het valt bovendien op dat het Vlaams Belang in het begin van het seizoen nog regelmatig te gast was, maar eens Groen de federale onderhandelingstafel verlaten had, was de partij amper nog welkom in de studio’s. Misschien ligt het aan mijn slecht karakter, maar zou het kunnen dat men het vóór het veto van Alexander de Croo zelfs bij de VRT toch iets te bar vond om de N-VA als enige federale oppositiepartij tegenover de vier onderhandelende partijen te plaatsen? Eens Groen de federale onderhandelingstafel verlaten had was de situatie natuurlijk radicaal anders: plots kon men twee oppositiepartijen tegenover drie regeringspartijen plaatsen, en dus hoefde men het Vlaams Belang niet meer zo vaak uit te nodigen. Dat één van die twee oppositiepartijen door haar steun aan de staatshervorming toch niet helemaal in de oppositie zat was daarbij natuurlijk een detail waar men de kijker liever niet lastig mee wou vallen.
Het is daarmee duidelijk dat de V-partijen sterk ondervertegenwoordigd zijn, maar bovendien dat die ondervertegenwoordiging het Vlaams Belang veel harder treft dan de N-VA. (Het valt bovendien op dat de Open Vld wel heel erg gunstig behandeld wordt. De lezer die zag hoe Ivan de Vadder bijna letterlijk aan de lippen van Guy Verhofstadt hing zal waarschijnlijk wel begrijpen dat ondergetekende zo zijn vermoedens heeft over waarom dat zo zou zijn.) Maar de recente «klacht» van de N-VA dat de gemeenteraadsverkiezingen een strijd van één-tegen-allen wordt, daaronder te verstaan de traditionele partijen én het Vlaams Belang tegenover de N-VA, strookt dan ook niet helemaal met de waarheid. Als er in de media al een één-tegen-allen-strijd gevoerd wordt, dan nog steeds diezelfde, oude één-tegen-allen-strijd tegen het Vlaams Belang. En twee voorvallen bewijzen dat de N-VA daarbij niet helemaal vrijuit gaat.
Het eerste voorval vond tijdens de reeds vermelde uitzending van de De Zevende Dag van 18 september plaats. De VRT maakte er toen met de N-VA de afspraak dat drie kopstukken van de partij rechtstreeks vanop de betoging in Linkebeek geïnterviewd zouden worden, op voorwaarde dat het Vlaams Belang niet aan het woord zou komen. Dit is een hoogst merkwaardige afspraak, een beetje alsof ik met mijn linkerbuur zou afspreken dat mijn rechterbuur met zijn auto de straat niet meer in zou mogen. Of misschien correcter: alsof de VRT tijdens een milieubetoging drie mindere goden van de sp.a zou interviewen omdat de sp.a-voorzitter zijn kat stuurde, terwijl Groen mét partijvoorzitter en met een grotere delegatie parlementairen in de achtergrond dan maar braaf zou moeten staan koekeloeren. Misschien had de N-VA niet zo heel veel keuzevrijheid omdat het inderdaad ontegensprekelijk in een mini-cordon médiatique zit, maar anderzijds hoefde ze zich achteraf ook niet bij het huilkoor te voegen dat vond dat het Vlaams Belang een afspraak gebroken had waarvan het uiteindelijk toch alleen maar het lijdend voorwerp was. Galant kon men de houding van de N-VA al helemaal niet noemen.
Maar misschien nog meer voor de borst stuitend is de oneerlijkheid rond de recente mediarel over het optrekken van de koninklijke dotatie. Zoals Marc Hooghe opmerkte in De Morgen, maar dan vooral om ervoor te pleiten dat ook de N-VA doodgezwegen had moeten worden, was het wel degelijk het Vlaams Belang dat reeds vóór Kerstmis aan het licht bracht dat die dotatie omhoog ging, en helemaal niet omlaag. De mediarel ontstond echter pas toen Theo Francken van de N-VA deze budgettaire «rekenfout» van de regering–Di Rupo I enkele weken later recycleerde. En opnieuw kan men niet verwachten dat de N-VA een politieke concurrent zou verdedigen of zelfs in de bloemetjes zou zetten, maar, ook opnieuw, erg galant was dit toch weer niet. Je zal maar Barbara Pas heten, en Theo Francken een heel week-end lang in alle mogelijk media zien blinken terwijl je zelf twee weken eerder volkomen doodgezwegen werd. Van de stelling dat in de media een één-tegen-allen-strijd tegen de N-VA gevoerd zou worden blijft, voor wie nog een beetje intellectueel eerlijk wil blijven, niets meer over.
Maar de cijfers vertellen ook dat in Vlaanderen geen mediawetten nodig zijn om te bereiken waar Viktor Orbán in Hongarije waarschijnlijk zelfs nog niet van durft te dromen. Of precies van gruwelt. Het ziet er trouwens niet naar uit dat er in het nieuwe seizoen van De Zevende Dag veel verbetering op komst is. Zo mocht in de eerste aflevering PVDA-voorzitter Peter Mertens opdraven om er zijn boek «Hoe durven ze?» voor te stellen, samen met Dimitri Verhulst die het voorwoord schreef. Het werd een gezellig onder-onsje van een dik kwartier, samen met Indra Dewitte, dochter van een andere PVDA‘er en die in een ver verleden trouwens zelf nog op een PVDA-lijst gestaan heeft. En dat allemaal voor een boek waarvan er tegenwoordig uiteindelijk toch dertien in een dozijn verschijnen. Er kan gerust gesteld worden dat de PVDA, nog te klein om haar aanhang in een peiling te kunnen meten, hiermee voor minstens tien jaar oververtegenwoordigd is bij De Zevende Dag. We kunnen ons bovendien niet herinneren dat bijvoorbeeld Gerolf Annemans van hetzelfde voorrecht mocht genieten met zijn boek «De Ordelijke Opdeling van België», maar misschien vond de redactie van De Zevende Dag het onderwerp van dat boek niet actueel genoeg op een ogenblik dat federaal België totaal geblokkeerd zat. Of zou het aan iets anders gelegen hebben?
Spijtig genoeg leven we in een democratisch land waar niet de kiezer maar een gesubsidieerde organisatie bepaalt wie bijvoorbeeld op de spreekbuis komt! Is er geen gezegde dat stelt: “Wiens brood men eet diens woord men spreekt”? Aangezien de VRT enkel kan overleven bij gratie van dotaties van de Vlaamse gemeenschap is het logisch dat elke vorm van dissonante geluiden tijdend duiodingsprogramma’s uit den boze is, vandaar de stiefmoederlijke behandeling van de “V”-partijen. Het volk heeft gekozen maar de politiek en zijn politieke instrumenten beslissen uiteindelijk wie zijn korst mag komen verdedigen! Dissonanties van welke aard ook worden niet geduld! Oplossing? Uitmesten van de Augiasstal! Hoe eerder hoe liever!
Een schandalig systeem: de rood gekleurde VRT, beter BRT te noemen, probeert de Vlaamse gemeenschap iets voor te spiegelen wat niet klopt met de realiteit. Gelukkig worden de Vlamingen wakker en slikken ze al die “bullshit” en verdraaide informatie niet meer. Bij de volgende verkiezingen, indien men ze niet vervalst (wat me absoluut niet zou verwonderen), zal dat heel duidelijk blijken. Hopelijk heeft dan iemand de moed om in dat VRT midden “grote kuis” te houden. Héél dringend nodig!!!
De VRT is een zuiver propaganda orgaan. Meer dient er niet overgezegd.
Het is zoals iemand het onlangs zei: ‘er is zoiets als een journalistieke narren-vrijheid’.
En een nar die dient zijn meester. Hoe gek die ook doet, hoe onnozel, hoe onredelijk, voor zijn meester is het goed.
Helaas heeft die narren-vrijheid epidemische vormen aangenomen.
Het gaat niet enkel meer om journalistiek en politiek.
Het gaat in de eerste plaats om de ideologie van het moderne Babel.
De correcte en opgepoetste versie die Hitler wou!
Met dit verschil, dat hier zogezegd een antwoord is tegen de tweede wereldoorlog, een voorkomen van oorlog, een voorkomen van een nieuwe Hitler en een ideologie van vrede, gelijkheid en de eenheid!
Ook deze ideologen geloven in een maakbare samenleving maar dan door het ontkennen van de eigen culturen die niet te verenigen of te veranderen zijn.(Ijzer en leem?)
Deze eenheid en vrede is vals en gedwongen de gelijkheid werkt niet.
Veel is gekunsteld en gedwongen.Niet met oorlog en uitroeien zoals Hitler het deed, maar met psychologische oorlog en dwang. Door uitsluiting van degenen die het niet eens zijn met deze valse vrede en eenheid. In dit laatste verschilt men niet veel met het Europa één imperium dat Hitler wou.
De Euro ideologen en dito narren gebruiken ‘nette’ koosnaampjes, verwijten, chantagetaal en narrenpraat zoals ‘populisme’, voor wie de Europa-eenheid en dito economie bekritiseerd en ‘Eurosceptici’ als scheldwoord om een ‘grove zonde’ te benoemen.
Al wie de Eurodictatuur en ideologie in vraagt stelt, stelt ook de Belgodictatuur en solidariteit in vraag en dient vervolgt te worden, want die is gevaarlijk!
Maar omdat politieke vervolging in tegenspraak is met de ideologie van de vrijheid van meningsuiting, gelijkheid en democratie, omzeilt men dit door het doodzwijgen!
Zo bespeelt de nar het publiek!
Dit doodzwijgen is een masker, een schaamlap om te verhullen dat men zondigt tegen diezelfde heilige ideologie en democratie.
Zalig zij die blind volgen en geloven.
Dit is de religie van een nieuw Romeinse rijk maar dan zonder religieus jasje!
Beter dan dat van de Katholieke kerk en voorganger Nero?
Is het misschien, het stenen beeld uit het visioen van Nebukadnessar dat de profeet Daniel destijds verklaarde?
Een groot beeld waarvan de tenen gemaakt zijn uit klei vermengd met ijzer.
Het einde en de gevolgen van dit rijk is bekend!
Ijzer en klei dat vermengd is, breekt uiteindelijk in stukken door zijn eigen gewicht omdat dit mengsel niet samenbind.
We weten dus wat ons staat te wachten!
Terwijl voeren de politieke en journalistiek narren hun toneelstuk op, totdat het ijzer losbreekt van het leem en ze roemloos en verweest staan te kijken, hoe hun rijk plotseling wordt verbrijzeld en ineenstort!
We zijn slechts toeschouwers die roepen.
We staan erbij, kijken ernaar en weten hoe het verhaal eindigen zal.
In plaats van handgeklap, zal er verbijstering zijn en boegeroep!
Genoeg gezanikt. Tijd om zelf een krant/zender op te richten.
Wel ja het is hoog tijd om zelf en krant in mekaar te boksen en dit land is allang geen democratie meer (is het dit ooit geweest als je de geschiedenis bekijkt)
ik erger me elke dood aan de media vooral de vrt en één , hun strategie is duidelijk
Proberen de “burgers” te overtuigen tegen 2014 dat we beter voortstrompelen zoals we nu bezig zijn om dat Onafhankelijk Vlaanderen niet te laten starten
En we praten en nog eens praten onder gelijk gezinden maar dit artikel komt nooit tot bij de vrt of we moeten met dit artikel zelf naar de Omroep en het hen afgeven en om antwoord vragen
er dient in elk geval actie te worden ondernomen vooraleer dit onzalige beleid ons in een geketend harnas zet in een grendel grondwet met dubbele meerderheid
ik bedoel ik erger me elke DAG dood