Skip to content

Een stevige breinstorm zou Vlaanderen deugd doen

11 februari 2010
by

Julien Borremans

We hebben geen roestige vadsigheid nodig, maar vooral durf en verbeelding. Het project Vlaanderen is te belangrijk om aan een klasse van beroepspolitici en cabinetards uitbesteed te worden. Het gaat om schaalverkleining en opwaardering van de democratie, waarbij elke burger zich bij het debat moet betrokken voelen.

Het gaat niet goed met België. Dat zou ons, autonomisten, moeten verblijden, maar hoe is het ondertussen met Vlaanderen gesteld, als een democratisch-gedragen politieke entiteit? Niet alleen de lokale Turkse of Marokkaanse allochtonen kunnen zich bij “Vlaanderen” bitter weinig voorstellen, zoals uit een recente studie bleek; ook bij het gros van de inboorlingen ontbreekt de emotie rond een nieuw politiek-maatschappelijk project dat in alle opzichten het verschil zou kunnen maken met het Belgique de papa.     

Onvermijdelijk stelt dit de vraag naar de bewustzijnsvernauwende rol van de Vlaamse media (een krant als De Standaard heeft al wel bijzondere tricolore edities verzorgd, soms met melige trouwbetuigingen aan de monarchie, maar heeft bij ons weten nog nooit een positief autonomistisch verhaal gebracht). Ook de geregionaliseerde cultuursector is voornamelijk geïnteresseerd in budgetten en subsidies, niet in zelfbeschikking als gevoelswaarde, laat staan als motor van een identiteitsproces.

Meer nog echter moeten we kijken in de richting van de Vlaamse besturende elite zelf: willen Kris Peeters en zijn entourage wel een breed, open burgerdebat over een republiek die zich in alle aspecten los maakt van het oude Belgische denk- en bestuurskader? Natuurlijk niet. Het regentaat dat zich als “Vlaamse regering” presenteert, lijkt dan ook veeleer op een muf boekhoudkantoor (waar niet iedereen even goed kan tellen) dan op de commandokamer van de Enterprise.  Vooral geen avonturen, dat is de boodschap.  En vanuit zijn Machiavellistisch perspectief klopt de logica van Peeters perfect: waarom zou een partij als CD&V haar traditionele Belgische machtspositie opgeven, tenzij ze die vrij geruisloos kan copiëren naar het deelstaatniveau, waarbij België als een soort scharnierstaat zou blijven functioneren tussen de regio’s en de Europese voogdij? De carrière van Herman Van Rompuy blijkt in dit scenario alleszins perfect te passen.

België zal blijven verdampen, maar Vlaanderen geraakt niet uit de mist. Het resultaat is een steriel regionalisme dat zich van het historisch gegroeide democratisch deficit niet kan ontdoen. De achterkamertjespolitiek, de ons-kent-ons-cultuur, de bureaucratische overwoekering, het hanteren van complexiteit als buffer tegen burgerprotest,… het keert allemaal terug. Onvervalst Belgisch was bv. de manier hoe de Vlaamse regering het Lange Wapper-dossier mismeesterde: flou, ondoorzichtig, technocratisch, om uit te lopen in een surrealistisch imbroglio. Maar hoopgevend is ook de vastberadenheid waarmee de burgerinitiatieven het politieke establishment counterden en een referendum afdwongen.

De denkgroep Res Publica wil op deze autonomistische golf voortsurfen: de Antwerpse opstand is de referentie. We hebben geen roestige vadsigheid nodig, maar vooral durf en verbeelding. Het project Vlaanderen is te belangrijk om aan een klasse van beroepspolitici en cabinetards uitbesteed te worden. Het gaat om schaalverkleining en opwaardering van de democratie, waarbij elke burger zich bij het debat moet betrokken voelen. Een debat over maatschappelijke kern-issues zoals: het evenwicht tussen economie en milieu, de grote ethische thema’s, welzijnszorg en sociale solidariteit, energie, mobiliteit, migratie en inburgeringsnormen, recht en billijkheid, en uiteraard het institutionele kader zelf. Een breinstorm die moet overgaan in een echt constitutioneel debat (de “Vlaamse grondwet”), en die zeker ook de linkerzijde uit haar Belgicistische kramp moet halen. Een eerste vrije tribune verscheen in De Tijd van 25/9/09, mede ondertekend door Ludo Abicht, Frans Crols, Koenraad Elst, Matthias Storme en Jef Turf. Momenteel werken we aan een platformtekst die het eigenlijke startschot voor de denkgroep moet vormen.

Het zou daarbij goed zijn dat de “V-partijen” zich bewust worden van hun vernieuwende, stichtende rol in de post-Belgische republikeinse context. In de laatste rechte lijn naar de secessie is een frontvorming van de drie essentieel. De N-VA vergist zich schromelijk als het met zijn 13%-aandeel het monopolie op het Vlaamse zelfbeschikkingsverhaal zou claimen. Ook het Vlaams Belang zal als radicale “volkspartij” de politieke diversiteit moeten invullen, gesteld dat Bruno Valkeniers zijn hervormingsplannen kan doorzetten. Waarbij het meer burgerlijk-conservatieve N-VA veeleer de vrije beroepen en de middenklasse bedient. Daar is niets mis mee, maar men moet zijn grenzen kennen. Beide formaties zijn dus tot elkaar veroordeeld en zullen vroeg of laat een strategisch bondgenootschap moeten sluiten. Op dat moment zal uiteraard ook de derde V-formatie, het rechts-blauwe Lijst Dedecker, duidelijk moeten kiezen.

Het secessieproces gaat dus gepaard met een politieke herverkaveling die de traditionele B-partijen buiten spel zet. Res Publica nodigt de academici, mensen uit de cultuursector en het middenveld, uit om niét aan de zijlijn te blijven staan en deze transitie mee kleur te geven. De klassieke Vlaamse beweging heeft haar rol van voorhoede gespeeld. Het is nu aan de republikeinse beweging om de gewone Vlaming te verleiden, een kantelmoment in de publieke opinie te creëren, en het partijpolitieke spectrum te helpen hertekenen.

Advertenties
One Comment leave one →
  1. wim magerman permalink
    12 februari 2010 11:15

    Hoe maken we van Vlaanderen een democratisch-gedragen politieke entiteit ?

    Daarvoor is een breuk nodig met de van België geërfde politieke cultuur van particratie en ondoorzichtige compromissen waarbij principiële debatten over de politieke legitimiteit vermengd worden met economische en morele overwegingen.

    De autonome regio’s van het federale België zijn ontstaan via onderhandelingen tussen politieke partijen in wisselende coalities waarbij de dialoog met de burgers compleet werd verwaarloosd, ook na het behalen van resultaten. België heeft dus verwarring achter gelaten in de geesten.

    De volksvertegenwoordigers van de Vlaamse Raad kunnen ons helpen afscheid te nemen van het ‘België in ons’ door de legitimiteit van het bestaan van de regio te funderen op een zo breed mogelijke consensus onder de inwoners van de regio. Via een transparant publiek debat met de publiek opinie.

    Om het verschil te maken met de nefaste erfenis van het belgicisme zijn er twee voorwaarden:

    -het debat over de taalterritorialiteit ( de taalgrens speelt de rol van een staatsgrens op taalgebied) moet gescheiden worden van het socio-economische debat.

    -de uiteindelijke staatsvorm waartoe dit debat zal leiden moet open gelaten worden

    Het idee van frontvorming rond de drie V-partijen en het vooropstellen van een ‘secessie’ lijkt mij een heilloze weg. Een republikeinse praktijk moet kiezers en volksvertegenwoordigers aanspreken over de partijgrenzen heen. Over de principes van taalterritorialiteit bestaat een brede consensus bij een ruime meerderheid van de inwoners van de regio ongeacht hun ( erg wisselend) kiesgedrag. Over de socio -economische aanpak van de staatsinrichting veel minder . Het socio-economische links-rechts gegeven is niet typisch Vlaams maar quasi universeel.

    Het gegeven van de taalterritorialiteit kan verankerd worden in een Vlaams algemeen belang door alle interne beslissingen hieromtrent los te maken van wisselende partijcoalities, van het links-rechts antagonisme en van overlappingen met het economische debat dat veel meer conjunctuurgevoelig is. Dit is mogelijk door alle beslissingen in verband met de taalterritorialiteit toe te vertrouwen aan een raad die toegevoegd wordt aan de minister-president en waarin alle partijen zetelen die vertegenwoordigd zijn in het Vlaams parlement.

    Tegelijkertijd is dit een symbolische en historische breuk met de van België geërfde traditie om principiële discussies te verdrinken in partijmarchandage. Op dat ogenblik kan ook de nodige ‘emotie’ in het publieke debat gebracht worden met deelneming van o.a. de politiek correcte en verlichte elites . Iedereen zal zich dan kunnen uitspreken over zijn toekomstvisie: een regio met vaste cultuurgrenzen zoals overal elders in Europa of een Europese uitzondering, een soort vlottende culturele overgangszone die uit morele correctheid moet openstaan voor de concurrentie tussen een ‘dominante’ en minder expansieve culturen. Als een dergelijke stap ondersteund zou worden door een plebisciet, zou het de consolidatie kunnen zijn van een mentale breuk met het oude België en de bevestiging van een tot nu toe sluimerende nieuwe burgerzin

    Zonder afbreuk te doen aan de verdienste van de Vlaamse Beweging zou de bevolking dan ook kunnen geraadpleegd worden over een nieuwe naam en nieuwe symbolen voor de regio. De benaming Vlaanderen en Vlaming plus de vlag en het volkslied zijn immers een erfenis van de 19*eeuwse romantiek, met dank aan Hendrik Conscience. Zij horen bij een bepaalde periode van belgicisme en de niet altijd even gelukkige reacties ertegen. Zuidnederlandse Republiek zou een mooi alternatief kunnen zijn, historisch verantwoord en geografisch en taalkundig duidelijker voor buitenstaanders. Het voorstellen alleen al zou een immens emotioneel debat veroorzaken over onze identiteit, onze geschiedenis en onze taalcultuur ( Vlaams, Nederlands, dialect, tussentaal ….). Maar dat is toch de bedoeling ?

    ( Een republiek kan ook deel uitmaken van een groter staatsverband. Zwitserse kantons noemen zich graag republiek om hun autonomie te onderstrepen.)

    De uiteindelijke staatsvorm waarin we zullen belanden zal dan afhangen van de dynamiek die op gang gebracht wordt door deze aanpak, zowel in Vlaanderen als in de andere regio’s.

    Laat ons dus afscheid nemen van de belgicistische erfenis op gebied van partijcultuur en de politieke versnippering. En groeien naar een politiek landschap met een grote linkse (republikeinse ) partij, een grote rechtse (republikeinse ) partij plus enkele issue-partijen ( groenen, christelijke traditionalisten ….etc ).

    Wim Magerman, lid en bestuurslid van de CRK ( Republikeinse Kring ).

    Ik heb deze tekst geschreven in eigen naam.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: